Dyslexieproject Stedendriehoek

Cedere wilde weten in welke arbeidssectoren relatief veel mensen met dyslexie werken. Aangezien onderzoek in de arbeidspraktijk erg moeilijk is, omdat dyslectici vaak hun dyslexie verborgen houden, is er onderzoek gedaan op de Saxion Hogescholen. Dr. H. Meulenkamp heeft, in opdracht van Cedere, op de Saxion Hogescholen geïnventariseerd bij welke academies het hoogste percentage dyslectici studeren.

Dylexie bij studenten op het Saxion
Het onderzoek vond plaats in de vorm van een digitale vragenlijst, opgesteld door dr. H. Meulenkamp. Aan het onderzoek deden 1853 studenten mee. Daarnaast is er een literatuurstudie uitgevoerd, gericht op het identificeren van de problemen die dyslectici veelal ervaren in de arbeidspraktijk.

Doel van het onderzoek
Het doel van het onderzoek is het inventariseren per academie van het percentage studenten dat aangeeft dyslectisch te zijn. De uitkomsten van het onderzoek geven aanwijzingen bij welke academies de behoefte van studenten aan ondersteuning van het leerproces het grootst is. Tevens werd middels een literatuuronderzoek onderzocht welke problemen dyslectici ervaren in arbeidspraktijk.

Wie zijn betrokken bij dit onderzoek?
Betrokkenen bij de organisatie en uitvoering van het onderzoek zijn namens de Saxion hogescholen: Dr. H. Meulenkamp en onderwijskunde student Effi Oosterwijk.

Conclusie onderzoeksproject
Uit dit onderzoek bleek dat bij de academies bedrijfskunde en ondernemen, life science en engineering en toegepaste kunst en techniek de percentages studenten die aangeven dyslectisch te zijn, het hoogst zijn. Wellicht is de behoefte aan ondersteuning, bijvoorbeeld in de vorm van spraakherkenning, bij deze academies het grootst.

Uit de literatuurstudie bleek dat dyslectici in de arbeidspraktijk diverse problemen kunnen ondervinden.

Zo blijken mensen met een leerprobleem (zoals dyslexie), in vergelijking met mensen zonder leerprobleem, vaker te werken in beroepen met een lagere niveau dan wat op basis hun opleidingsniveau en hun intelligentie te verwachten zou zijn (Rojewski, 1999, Finucci, Gottfredson en Childs, 1985). Dit betekent bijvoorbeeld dat een dyslecticus die op universitair niveau is afgestudeerd, op HBO-niveau gaat werken. Ook kiezen mensen met een leersprobleem minder vaak voor nascholing. Ten gevolge hiervan verdienen mensen met een leerprobleem minder.

Een ander probleem is dat mensen vaak niet voor hun leerproblemen uit durven te komen in de arbeidspraktijk (Price, 2003, Cameto, 2005). Vaak is er onder collega’s of werkgevers weinig kennis van leerproblemen, waardoor bij werkgevers en collega’s negatieve percepties kunnen ontstaan betreffende leerproblemen (Madaus, Gerber & Price, 2008). Wanneer mensen niet uitkomen voor hun dyslexie, wordt de mogelijkheid niet geschept om aanpassingen op de werkvloer te gebruiken (Cameto, 2005).

Echter, dyslectici ondervinden wel problemen van hun leerprobleem. Deze problemen zijn bijvoorbeeld zware vermoeidheid, stress of vaker moeten overwerken, dan mensen zonder leerprobleem (Vogel en Adelman, 2000, Madaus, 2006a).

Gebruikte literatuur

  • Cameto, R. (2005) the transition planning process. NLTS2 Data brief, 4, 1-8
  • Finucci, J. M., Gottfredson, J. S., Childs, B. (1985). A follow-up study of dyslectic boys. Annals of Dyslexia, 35, 117-316.
  • Madaus, J. W. (2006a). Employment outcomes of university graduates with learning disabilities. Learning Disabilities Quarterly 29, 19-31.
  • Madaus, J. W., Gerber, P. J., Price, L. A. (2008). Adults with learning disabilities in the Workforce: Lessons for Secondary Transition Programs. Learning Disabilities Practice 23 (3), 148-153.
  • Price, L. A., Gerber, P. J., Mulligan, R. (2003). The Americans with Disabilities Act and adults with learning disabilities as employees: the realities of the workplace. Remedial and Special Education, 24, 328-339.
  • Cameto, R. (2005). The transition planning process. NLTS2 Data brief, 4, 1-8
  • Rojewski, J. W. (1999). Occupational and Educational Aspirations and Attainment of Young Adults with and without LD 3 years after high school completion. Journal of High School Disabilities 32, 533-552.
  • Vogel, S.,  Adelman, P. (2000). Adults with learning disabilities 8-5 years after college. Learning disabilities: a Multidisciplinary Journal, 10 (3), 165-182.
Onderzoeksverslag dyslexieproject Stedendriehoek
Effi Oosterwijk
legitimatieverslag_dyslectieproject_sted
Adobe Acrobat document [187.4 KB]
Download